U bent hier

Uitbreiding gebruik model-bestuursverklaring voor verantwoording antikraak-gebruik

Bij het in gebruik geven van sociale huurwoningen door leegstandbeheerders als antikraak - op basis van een bruikleenovereenkomst - is geen sprake van (ver)huur. Hierbij gelden de wettelijke eisen voor inkomenstoetsing en verantwoording niet. Ook zijn de eisen voor passend toewijzen voor de huurtoeslag in deze situatie niet van toepassing. Woningcorporaties mogen in dit geval met de intermediair of leegstandsbeheerder afspreken, dat zij de mutaties in het gebruik van deze woningen verantwoordt via een bestuursverklaring. Hiertoe is de eerder vastgestelde model-bestuursverklaring uitgebreid.

Eind 2015 is gepubliceerd dat bij toewijzing van sociale huurwoningen geen inkomenstoets is vereist als deze door intermediair verhurende maatschappelijke opvang- of zorginstellingen worden gebruikt voor ‘opvang’ van cliënten. In die gevallen is geen sprake van (ver)huur, maar van een integrale verstrekking van verblijf met zorg en/of begeleiding. 

Bepaald werd dat de intermediair het gebruik van de woningen voor dit doel aan corporaties mag verantwoorden via een bestuursverklaring. Omdat bij anti-kraak in het kader van leegstandbeheer sprake is van een vergelijkbare situatie, is besloten dat ook het gebruik als anti-kraak mag worden verantwoord via een bestuursverklaring. In beide gevallen gaat het hierbij om woonruimte met een huurprijs tot 710,68 euro per maand. Dit zijn woningen onder de liberalisatiegrens.

Bij verhuur door intermediaire partijen – via een (tijdelijke) huurovereenkomst - blijven de eisen voor inkomenstoetsing en verantwoording onverkort van kracht. Corporaties moeten hierover met hen (contractuele) afspraken maken. Het onderscheid tussen gebruik en (ver)huur is in de toelichting op de modelverklaring verder uiteengezet.