U bent hier

'Corporaties: wees helder over je financiële positie'

Martin Klooster

Eind 2016 vond een evaluatie plaats van de Indicatieve Bestedingsruimte Woningcorporaties (IBW). De redactie vroeg een aantal deelnemers wat zij van de IBW vindt en de toelichting daarop. Maar ook of ze nog tips hebben hoe het beter kan. In dit eerste deel de reactie van Martin van ’t Klooster, secretaris van STOK (Stedelijk Overleg Kommissies Bo-Ex) in Utrecht.

‘De IBW is voor mij voldoende duidelijk. Het is mij helder waarover het gaat, maar misschien komt dat ook wel door mijn vakgebied: ik ben in mijn werkzame leven communicatieadviseur geweest. Het overleg tussen de corporatie Bo-Ex en onze huurdersorganisatie was uitermate intensief. Wel vind ik dat de woningbouwcorporatie erg defensief reageerde toen het ging om financiële cijfers en dat heb ik ook naar voren gebracht’, aldus Van ’t Klooster.

‘In zijn algemeenheid gesproken houden de woningcorporaties hun financiële positie erg ondoorzichtig. Ik begrijp dat er tijdelijk strategisch gevoelige informatie is en de corporatie ook zelfstandig beleid moet voeren, maar nu vind ik de uitleg vaak nog erg summier. Dat kan en moet veel beter en daarvoor is onder meer de Transparantietool door Aedes ontwikkeld. Dit jaar gaan we, als uiteindelijk daarover besloten wordt, als STOK met Bo-Ex aan de slag met de Transparantietool. Volgens mij helpt het de woningbouwcorporaties ook veel verder als ze open en transparant over hun financiële situatie zijn. Zij kunnen alleen maar meer draagvlak verwerven bij huurders. En dat kunnen corporaties wel gebruiken, ook om het maatschappelijk draagvlak te vergroten. Ook de IBW kan daarbij helpen, maar het effect ervan is wel volstrekt afhankelijk van de medewerking van corporaties. Daarom is mijn oproep ook: woningbouwcorporaties wees steeds duidelijk over je financiële beleid. Wij als huurdersorganisatie willen graag weten wat de financiële situatie betekent voor mogelijkheden om huren te verlagen, nieuwbouw te plegen of woningen duurzamer te maken.’

Voldoende expertise

‘Natuurlijk is er binnen de huurdersorganisatie voldoende expertise om de IBW en de Transparantietool te kunnen gebruiken. Waarom zou die er niet zijn? Wij zitten met de woningbouwcorporatie niet alleen maar als toehoorder aan tafel. Ik vind het gewoon een uitdaging en een opdracht om voldoende expertise op dit gebied te verwerven. Huurders hebben vanuit hun eigen positie en bestuurlijke kennis mogelijkheden om het financiële beleid van een corporatie te beoordelen. Tegelijkertijd moet een huurdersorganisatie net als een woningcorporatie de kans krijgen zich zo nodig door een externe deskundige te laten adviseren. Nu is er niet alleen een te groot verschil tussen de huurdersorganisaties in het land, maar ook tussen huurdersorganisaties en woningcorporaties en gemeenten.

Gelukkig zijn er al heel veel huurdersorganisaties die op beleidsniveau sparringpartner voor een corporatie kunnen en willen zijn en daarbij hoort natuurlijk ook het sparren op financieel gebied. De mogelijkheden om je extern te laten bijstaan zijn er, dus ik zie ik niet in waarom huurdersorganisaties niet volledig kunnen meepraten. De Woningwet 2015 en de Overlegwet bieden hier ook mogelijkheden voor en corporaties zijn niet alleen verplicht maar ook best bereid tot financiering. Ik zou andere huurdersorganisaties dan ook willen adviseren: Ga het overleg aan, vraag de cijfers en achtergrondinformatie op. Heb je zelf niet of nauwelijks voldoende financiële expertise in huis? Laat je dan adviseren door mensen die dat wel hebben. Corporaties en gemeenten doen dat ook. Er is dus geen enkel bezwaar als huurdersorganisaties ook gebruikmaken van financiële deskundigen. Ook het IBW kan bij duidelijkheid over de financiële positie van nut zijn!’